“We vragen niet om méér, we vragen om behoud”
—
Sterk Techniekonderwijs (STO) heeft de afgelopen jaren het technisch vmbo een essentiële impuls gegeven. Dankzij samenwerking tussen scholen, mbo-instellingen en het bedrijfsleven is er een stevig fundament gelegd om te komen tot een duurzaam en dekkend technisch vmbo. Maar dat fundament staat onder druk. De kosten voor lonen en materialen stijgen, terwijl het budget gelijk blijft. Ton de Groot, voorzitter van de Federatie Techniek en Vakmanschap, en Leen Prins, voorzitter van het Platform Bouwen, Wonen en Interieur, slaan alarm: “Als we nu niet investeren, komt de toekomst van technisch onderwijs – en daarmee de toekomst van Nederland – in gevaar.”
Wat is Sterk Techniekonderwijs?
Sterk Techniekonderwijs (STO) werd in 2018 opgezet om het technisch vmbo te versterken. De Groot: “STO is echt ontstaan vanuit de basis. We zagen dat techniekscholen het moeilijk hadden: de bekostiging hield onvoldoende rekening met de hogere kosten van techniekonderwijs. Samen met VNO-NCW, MKB-Nederland en brancheorganisaties hebben we actiegevoerd om techniekonderwijs beter te bekostigen. Dat leidde uiteindelijk tot 100 miljoen euro subsidie.”
Sindsdien investeert de overheid jaarlijks 100 miljoen euro, verdeeld over 74 regio’s, om de kwaliteit, bereikbaarheid en aantrekkelijkheid van technisch onderwijs te verbeteren. Daarbij komt nog eens 40 miljoen euro cofinanciering vanuit het bedrijfsleven. Dat lijkt heel veel, maar voor dit soort opleidingen zijn dure inventaris en materiaal nodig.
Waarom is Sterk Techniekonderwijs nu extra belangrijk?
Nederland heeft te maken met grote maatschappelijke uitdagingen, zoals de energietransitie, woningnood en verduurzaming van infrastructuur. “Wie gaat straks de zonnepanelen op de daken leggen, de huizen bouwen of het elektriciteitsnet uitbreiden?” vraagt De Groot zich af. “Daar heb je goed opgeleide technici voor nodig. Zonder een sterk vmbo komen we straks mensen tekort.
Daar komt bij dat de leerlingenaantallen in het vmbo dalen. Door demografische krimp en ‘kansrijk adviseren’ krimpt het vmbo naar verwachting met 12% tussen nu en 2036. Vooral technische profielen zoals BWI, PIE en M&T staan onder druk. Prins vult aan: “En dat terwijl we die praktisch geschoolde mensen keihard nodig hebben. Daarom is het zo belangrijk dat we blijven investeren in aantrekkelijk, toekomstgericht technisch onderwijs.” De Groot doet er nog een schepje bovenop: “Heb je recent weleens een loodgieter nodig gehad? Dat was vast niet gemakkelijk, dus dan weet je hoe schaars dit beroep nu al is.”
“Als we willen dat jongeren straks kunnen bouwen aan Nederland – letterlijk en figuurlijk – dan moeten we ze nu het gereedschap geven. Dat begint bij eigentijds onderwijs, in een herkenbare omgeving, met ruimte voor vakmanschap. Geef scholen die ruimte. En geef ze de middelen die daarvoor nodig zijn.” – Leen Prins’’
Binnen de regio’s wordt hard gewerkt aan het vernieuwen van keuzevakken, moderniseren van lesmateriaal, verbeteren van de aansluiting op het mbo, en het enthousiasmeren van jongeren voor techniek. “Kinderen moeten op jonge leeftijd ervaren hoe leuk en belangrijk techniek is,” benadrukt Leen Prins. “Via techlabs en hotspots in de regio’s maken basisschoolleerlingen al in groep 7 en 8 kennis met techniek. Dat werkt: we zien de interesse groeien. En daarop moeten we nu doorpakken!”
Een loon en prijsbijstelling is noodzakelijk
Sinds 2018 zijn de loonkosten in het onderwijs met ruim 22% gestegen. De kosten voor materialen, energie en infrastructuur zijn zelfs nog harder opgelopen. Toch is het budget voor STO sinds de start niet verhoogd.
“Met hetzelfde geld moeten we nu veel meer kosten dekken,” zegt De Groot. Sinds de start van STO zijn alle kosten gestegen: niet alleen de loonkosten van scholen, maar ook de prijzen voor lesmateriaal, machines en praktijkinrichting zijn enorm toegenomen. Scholen doen hun best om hiermee om te gaan: ze zoeken samenwerking met andere regio’s, schrappen opleidingen of proberen met creatieve oplossingen het hoofd boven water te houden. Maar tegen deze prijsstijgingen valt nauwelijks op te boksen. “ Volgens Prins raakt het probleem niet alleen scholen, maar ook bedrijven. “Het bedrijfsleven heeft fors geïnvesteerd in STO, in geld én in samenwerking. Als het technisch onderwijs verschraalt, heeft dat direct impact op de arbeidsmarkt.”
Wat als er niets gebeurt?
Als de loon- en prijsbijstelling niet wordt toegepast, vrezen beide voorzitters dat de kwaliteit van het technisch onderwijs achteruitgaat. Scholen gaan financieel doelmatiger werken, vooral in krimpregio’s. Dat klinkt mooi, maar in de praktijk betekent dit dat opleidingen gaan verdwijnen en leerlingen geen techniek meer kunnen volgen. Hierdoor komen de doorlopende leerlijnen van vmbo naar mbo onder druk te staan. En bedrijven krijgen steeds meer moeite om vakmensen te vinden.
Door schaarste zijn er te weinig vakmensen inzetbaar en krijg je te maken met lange wachttijden. “Dan krijg je situaties waarin je vier weken of langer moet wachten op een eenvoudige APK-keuring, omdat er geen monteurs meer zijn,” aldus De Groot. “Dat gebeurt nu al, laat staan als hiervoor nog minder mensen worden opgeleid.” Ook de innovatieve kracht van Nederland staat op het spel. “Alle grote ontwikkelingen komen voort uit creativiteit en praktisch inzicht,” zegt De Groot. “Dat moeten we blijven stimuleren, juist in het technisch onderwijs.”
Wat is de oproep van de Federatie?
De Federatie Techniek en Vakmanschap pleit voor een loon- en prijsbijstelling van 22 miljoen euro per jaar bovenop de huidige 100 miljoen, zodat de koopkracht behouden blijft. Daarnaast moet het budget jaarlijks worden geïndexeerd.
“We vragen niet om méér, we vragen om behoud,” stelt Prins. “We hebben iets moois opgebouwd met STO. Dat willen we toch niet laten verdwijnen door inflatie?” De Groot is stellig: “Als ik minister van OCW was, zou ik zelfs 150 miljoen investeren. Want als we de technische kracht van Nederland willen behouden en uitbreiden, dan moeten we nú doorpakken. Dit is geen kostenpost, dit is een investering in de toekomst.”
Deel je mening met ons via het onderstaande formulier: